Home  •  Laaggeletterdheid • Aanvalsplan laaggeletterdheid 2006-2010

Aanvalsplan laaggeletterdheid 2006-2010

In 2006 lanceerde het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het Aanvalsplan Laaggeletterdheid 2006-2010: Van A tot Z betrokken om laaggeletterdheid te bestrijden.
Klik hier om het Aanvalsplan te downloaden.

Centraal in het Aanvalsplan staat de opgroeiende, lerende en werkende mens. Daarom wordt heel het onderwijs bij het offensief betrokken, van A tot Z, van vroegschoolse educatie tot lerarenopleiding. Om dezelfde reden omvat het plan een culturele component (leesbevordering). De gedachte achter deze brede benadering is dat laaggeletterdheid voorkómen beter is dan laaggeletterdheid genezen.

In het Aanvalsplan wordt ook de bibliotheek specifiek benoemd. Een korte samenvatting:

Bij het bevorderen van lezen speelt ook de openbare bibliotheek een belangrijke rol. In de afgelopen periode heeft de bibliotheeksector zijn dienstverlening op dit terrein sterk ontwikkeld, met speciale aandacht voor mensen met een taalachterstand of leeshandicap. Om eventuele taalontwikkelingsproblemen vroegtijdig te kunnen herkennen, ondersteunt de bibliotheek peuterspeelzalen en kinderdagverblijven. Ook verzorgt zij trainingen voor gebruikers van programma’ s op het gebied van het (interactief) voorlezen en vertellen. In samenwerking met onder andere ROC’s ondersteunen bibliotheken in de grote steden mensen die een taalcursus Nederlands volgen .Met het oog op de toenemende reikwijdte van ICT en Internet is de bibliotheek tegenwoordig ook virtueel bereikbaar.
Uit (‘Van A tot Z betrokken’ Aanvalsplan Laaggeletterdheid 2006 – 2010 pag 43)

In het Aanvalsplan zijn de volgende doelstellingen voor 2010 beschreven:

  • het percentage leerlingen voortgezet onderwijs dat op of onder PISA-leesniveau 1 zit (thans 11%), is teruggedrongen tot 10 procent, rekening houdend met een verwachte toename van deze probleemgroep;
  • het aantal werkgevers dat actief bijdraagt aan de bestrijding van laaggeletterdheid, is met 50 tot 100 procent vergroot;
  • Er zijn 9 provinciale aanvalsplannen en een aanzienlijk aantal gemeentelijke aanvalsplannen;
  • Een meerderheid van de gemeenten voert lokale en regionale leesbevorderingsplannen uit;
  • Het aantal deelnemers aan alfabetiseringscursussen is verhoogd tot rond de 12.500.

De effectiviteit van het beleid met betrekking tot de bestrijding van laaggeletterdheid is drastisch verbeterd door onderzoek, monitoring en internationale samenwerking.

In de Monitor deelname lees- en schrijfonderwijs door laaggeletterden 2007 is te lezen wat er in de eerste twee jaar van het Aanvalsplan is bereikt.

De drie hoofduitvoerders van het Aanvalsplan zijn CINOP, Stichting Expertisecentrum ETV.nl en Stichting Lezen & Schrijven.

 

In samenwerking met:

Vereniging van Openbare Bibliotheken
Leer lezen en schrijven
OC en W
CINOP
ETV
BrowseAloud